Geschiedenis

De laboratoria van Lilly werden opgericht in 1876 in Indianapolis in de Verenigde Staten door kolonel Eli Lilly, apotheker en veteraan van de Amerikaanse Burgeroorlog. Vanwege de slechte kwaliteit van de in die tijd beschikbare geneesmiddelen – slecht bereide en vaak inefficiënte producten – besluit Eli Lilly om zelf een bedrijf op te richten, waarbij hij de best mogelijke farmaceutische producten ter beschikking van de zieken stelt, uitsluitend afgeleverd op voorschrift van een arts.

De firma doet het uitstekend, maar kolonel Lilly is niet tevreden over de gebruikte traditionele methoden en wil zijn geneesmiddelen ontwikkelen volgens strengere kwaliteitsnormen. In 1886 neemt hij een jonge scheikundige in dienst om de beoordelingstechnieken voor kwaliteit te optimaliseren.
Zo ontstaat een van de eerste laboratoria voor hoogwaardig klinisch onderzoek.

Samen leggen ze de fundamenten voor de Lilly-traditie, die in de eerste plaats gericht is op een kwaliteitsverbetering van de bestaande producten en vervolgens wordt uitgebreid naar de uitvinding en het op punt stellen van nieuwe, efficiëntere geneesmiddelen en behandelingen.

Later zullen de knowhow en de complementaire werkmethoden van de erfgenamen van Eli Lilly aan de oorsprong liggen van de verdere groei van het bedrijf. Ze dragen bij tot het ontstaan van een bedrijfscultuur waarbinnen werknemers als de meest waardevolle factor binnen het bedrijf worden beschouwd. Dat principe geldt vandaag nog steeds en vormt de hoeksteen van de bedrijfsfilosofie bij Lilly.

Eli Lilly & Company staat dus voor meer dan 140 jaar ervaring in het continu verbeteren van de levensverwachting en -kwaliteit van miljoenen kinderen, vrouwen en mannen wereldwijd. Tegelijkertijd kan het bedrijf ook bogen op een lange traditie van therapeutische innovaties, met uitvindingen die de geschiedenis van de geneeskunde mee hebben bepaald. Eli Lilly is met haar afdeling “Elanco” ook heel actief in de diergeneeskunde. Aldus ontleent Lilly haar kracht en identiteit aan de combinatie van twee complementaire begrippen: traditie en innovatie.